Van klaslokaal naar de maatschappij….

Het einde van het jaar is in zicht en de praktijkexamens zijn in volle gang bezig.
Elk jaar vraag ik mij opnieuw af, waarom ik voor het vak Handel en Verkoop, het klaslokaal moet omtoveren in een supermarkt, drogist, stomerij of bloemenzaak. En dan niet alleen één keer voor het examen maar ook een paar keer om het te oefenen. Ik zeg bewust een paar keer, want leerlingen hebben het echt nodig!
Tevens zijn er genoeg simulaties voor de leerlingen ontwikkeld maar in de praktijk doen leerlingen het uiteindelijk toch matig. Hoe kan dit?

Het ligt eigenlijk heel simpel: net als stagiaires die in theorie dankzij Ebbens [1] precies weten hoe ze les moeten geven, doen als ze voor de klas staan alles behalve volgens Ebbens lesgeven. Het zit hem dus in het toepassen van de theorie.

De vraag is: hoe laten wij docenten dat doen? En waarom laten wij dat op die manier doen? Toveren wij klassen om tot bijvoorbeeld een winkel, omdat je het zo hebt geleerd van je collega, of omdat je gewoon niet beter weet?

Voor alle duidelijkheid: om je klaslokaal om te toveren tot een winkel moet je inkopen doen, alles inrichten, een kassa meenemen en een rooster maken voor de leerlingen omdat ze niet tegelijkertijd kunnen oefenen. Je bent na het oefenen van alleen de kassaopdracht al, gemiddeld twee weken bezig met één klas. Wat je nog een aantal keren moet herhalen!
Is dit niet zonde van je tijd als docent?

Je vraagt je af hoe het dan wel zou moeten. Ik denk dat je het niet ver hoeft te zoeken. Je kunt leerlingen makkelijk een week op je eigen school de telefoon laten opnemen bij de administratie, of bij de meeting point. Je zou hen een week in de kantine kunnen laten werken. Op deze manier kunnen leerlingen direct de geleerde theorie toepassen op school. Daarnaast is de eigen school ook nog eens een veilige omgeving waarin de leerlingen kunnen leren.

Daarnaast is er in de buurt van je eigen school vast wel een markt, winkel, of bakker te vinden. Laat de leerlingen bijvoorbeeld een week in een callcenter stage lopen, een week in een supermarkt, een week bij een bloemist, of een week in een kantoor dat gespecialiseerd is in boekhouden. De leerlingen zullen dan leren hoe het echt werkt en begrijpen waarom ze zich op een bepaalde manier horen te gedragen. Ze zullen bij een fout in een reële omgeving de consequenties beter snappen. Zelfs het eindexamen zouden we in een echte omgeving kunnen afnemen, met echte klanten.

Wij docenten werken heel hard, maar vergeten na te denken over het leerrendement. We moeten ons afvragen hoe we het leerrendement kunnen verhogen in plaats van ons af te vragen hoe we er meer uren/docenten voor kunnen vragen. Want het wiel kan niet voor een tweede keer worden uitgevonden…


[1] Ebbens & Ettekoven, Effectief leren, Utrecht: Noordhoff Uitgevers B.V. 2013.

Als leerlingen zo 2013 zijn, wat zijn wij docenten dan?

Als leerlingen zo 2013 zijn, wat zijn wij docenten dan?

Met de komst van smartphones, tablets en de phablets zijn apps niet meer weg te denken uit onze samenleving. Wat een nieuwe markt voor onze jonge ondernemers oftewel mijn Business + Class betekent. Maar hoe gaan wij docenten daarmee om?

In mijn Business + Class hebben dit jaar 4 van de 5 groepjes gekozen voor het uitvinden van een nieuwe app als product. Logisch als je erover nadenkt. Bijna alle leerlingen hebben een Smartphone en komen elke dag met apps in aanraking.

Het is ook zo eenvoudig om een app te downloaden en te gebruiken, dus waarom niet een nieuwe app op de markt brengen? Zeker als docenten daar zo weinig van begrijpen.

Daarom besluiten de leerlingen een app op de markt te brengen, maar kunnen maar niet bedenken wat voor één… Om hun op weg te helpen stel ik hen de vraag: Jongens wat denken jullie dat je nog mist wanneer je je Smartphone gebruikt?
De leerlingen hebben er letterlijk een maand over gedaan en hebben uiteindelijk de volgende nieuwe apps bedacht; “Voice Recorder”, “E-Wallet”, “Key-App”, “Clothing Scanner”.

De apps zijn niet slecht bedacht, maar het leefde niet voor de leerlingen.
Pas later begreep ik wat ik fout had gedaan. Zo had ik de leerlingen alleen gevraagd om een app te bedenken, maar niet om deze app echt te ontwikkelen. Op de vraag ‘waarom?’, kan ik alleen maar als antwoord bedenken: Het zijn VMBO’ers, die kunnen dat toch niet?

De vraag is wat wij docenten kunnen als het op social media aankomt? Het ergste is dat wij docenten onze verwachtingen baseren op wat we zelf kunnen, maar wat doen we bij dingen die we zelf niet kunnen? Volhouden dat dat niet van belang is en doorgaan met wat er in de boeken staat? Onszelf proberen te scholen of gastdocenten uit te nodigen die het wel van onze leerlingen durven te verwachten?

Het begint allemaal bij GELOVEN. Als wij diep van binnen geloven dat, ondanks dat het VMBO’ers zijn, deze leerlingen veel meer kunnen en ze uitdagen, dan krijgen we er ook veel meer voor terug.

Leerlingen die zo 2013 zijn, uitdagen en mogelijkheden bieden is niet makkelijk, maar ook alleen daarmee komen we er niet. Wij docenten worden gedwongen mee te gaan met de tijd, omdat leerlingen ook op het gebied van social media ons hard nodig hebben. Er moet een win win situatie ontstaan door van elkaar te leren. En ja hoor, wij mogen ook best eens wat van onze leerlingen opsteken!

Op de vraag ‘wat docenten dan zijn, als leerlingen zo 2013 zijn?’, kan ik alleen maar zeggen: Waarom zo 2013 willen zijn als docent? Want wij docenten zijn niet alleen 2011,2012 of 2013. Nee, wij docenten zijn alles tot en met 2013 en puur daarom zijn wij docent….

Sultan Göksen

http://zakeninturkije.nl/nieuwsmeer_1268_als-leerlingen-zo-2013-zijn-wat-zijn-wij-docenten-dan.html